logo CHG
Algemeen
Wat zijn bollenschuren
Register
Monumenten
Regiobeleid
Regionale Collectie
Project
Linten en Clusters
Nieuws
Kwekerij Veelzorg
Uit de media
Herbestemming
        Vraag
        Aanbod
Publicaties
Contact
Links
 
Project Behoud en Herbestemming Bollenerfgoed
Uit de WEEKBREAK van 15 september 2005
Uit het Leids Dagblad van 2 november 2005
Uit de weekendkrant van 5 december 2005




Uit de WEEKBREAK van 15 september 2005

Huiselijkheid in oude bollenschuur

De waarde van oorspronkelijkheid

Door Margo Thomassen

Welke Noordwijker wist de weg niet naar Doeland Dekker in de Pickéstraat als je met je verbouwing bezig was of zomaar voor een klusje. Het pand dat van oorsprong eigenlijk een oude bollenschuur heette te zijn, was eigenlijk als zodanig niet meer herkenbaar voor de meeste bezoekers.
Maar dat was het wel voor bet Noordwijkse echtpaar Ernst en Suzan van der Zwet die, nadat Dekker verhuisd was naar het nieuwe industrieterrein 's Gravendijk, het oude pond kochten om het vervolgens in vijf jaar tijd in al zijn glorie te herstellen tot dat wat het oorspronkelijk was. Maar dan wel als woonhuis. Met deze volledige restauratie en herbouw verdienden zij met recht de prestigieu ze Zwarte Tulpprijs, hen uitgereikt door de projectgroep Behoud en Herbestemming Bollenschuren.
Sprakeloosheid tijdens de rondleiding door het kapitale pond waar niets is nagelaten om het, ook inwendig, op zijn fraaist te doen herrijzen.



De oude bollenschuur in de Pickéstraat als woning herbouwd: zoveel ruimte en toch een sfeervol huis (fotografie Margo Thomassen)

Suzan van der Zwet heeft twintig jaar lang in de mode gezeten als styliste en heeft het stylen duidelijk in haar vingers zitten. Zij vertelt: 'Toen het pand in het jaar 2000 te koop stond en wij overwogen om het te kopen zagen we het in eerste instantie allebei niet zo zitten. Alles was dichtgetimmerd en het pand als zodanig was volkomen verkracht. Maar de tweede keer dat we gingen kijken bleek dat er een appartement in zat, wat de keuze om te kopen doorslaggevend maakte, immers, dan konden we er in wonen met onze twee kinderen en de boel opknappen in ons eigen tempo.
Toen we het kochten was het pand volkomen leeg en voornamelijk groot. Toen wij het aan familie en vrienden lieten zien en ze duidelijk probeerden te maken wat we van plan waren keken ze ons verbijsterd aan. Dat komt nooit meer goed met jullie, vonden ze met z'n allen, we waren gewoon helemaal gek.
'Het was natuurlijk ook bizar,' zegt Suzan, 'haast al het houtwerk was verrot, alles was dichtgetimmerd en de ruimte was immens!'

Toch mazzel
Eigenlijk was het achteraf nog niet zo slecht, aldus Suzan omdat alle gaten gelukkig nog op de juiste plaats zaten. 'De kozijnen bleken van Amerikaans grenen. Die moesten alleen maar goed geschuurd en geschilderd worden. De ramen moesten we echter allemaal vernieuwen en ook de voor en achterpui.'

Suzan vertelt dat er bij elkaar zo'n vijftig ramen waren, de openslaande deuren van de bovenverdieping meegerekend, wat een enorme klus was om te schuren en in de Iak te zetten. 'We waren soms net een fabriek met die boel allemaal op schragen.

Echtgenoot Ernst heeft een eigen staal- en aannemersbedrijf wat enorm heeft gescheeld in de aanschaf van materialen. Inpandig is veel staal verwerkt en ook veel, door zijn werk, opgescharreld oud hout wat de woning een heel eigen karakter geeft.

Suzan: 'door onze ogen en oren goed te gebruiken kwamen wij aan de meest mooie stukken zoals deze kasten uit een kerk in Amsterdam. Hierin bewaarden priesters hun miskleding. Ze zagen er niet uit, niemand zou er iets voor hebben gegeven als je ze zo zag, maar ik heb ze schoongemaakt, geschuurd en ze opnieuw geschilderd. Door hun hoogte passen ze heel goed in deze ruimte.

Wat ook prachtig in de ruimte past is het driedelige kookeiland met granieten blad en houten opbouw. 'We hebben de fronten van oude eiken onbewerkte planken gemaakt, gekregen van een kennis die een nieuwe vloer liet leggen en niet wist wat ze met die oude planken aan moest. Daar is ook de eettafel van gemaakt en de salontafel in de zitkamer.'


Van donker naar licht
Omdat het middengedeelte van het pand erg donker was hebben Suzan en Ernst een enorm daklicht laten plaatsen. In de hal kijk je nu langs de oude balken, door een met smeedijzer en met hout bekleed trappenhuis, tegen de nok aan. Suzan: 'We zoeken nog een grote kroonluchter om het helemaal af te maken.'
Ze vervolgt dan: 'en weet je wat nou steeds weer zo heerlijk was; elke keer als er iets klaar was betekende dat een gemakje en vaak een flink gemak erbij. Bijvoorbeeld om een deur in of uit te kunnen gaan zonder eerst een hoop schroeven los te moeten draaien.'
Hun twee kinderen, inmiddels zeven en elf jaar oud, zijn (heimelijk) heel trots op hun ouders die deze woning voor negentig procent met z'n tweeën hebben ontworpen en gebouwd. 'Ze vinden het wel heel erg groot en anders dan bij vriendjes maar voelen zich hier inmiddels steeds meer thuis.'

Plezier
De gehele verbouwing heeft bij elkaar vijf jaar geduurd. 'We hebben er enorm veel plezier in gehad, gewoon omdat we samen een goed team zijn. Ik verzin, Ernst maakt en ik schilder weer. Wel hebben we soms pauzes ingelast. We hadden geen tijdsdruk. Als we geen zin hadden deden we de deur dicht.

We hebben ook alleen in de weekenden gewerkt en als we zin hadden 's avonds. De kinderen skeelerden en hockeyden om ons en de palen heen. Wat heel fijn was, dat was dat alles alleen maar heeft meegezeten. De enige pech die we hebben gehad was toen bij het storten van de vloeren het water door het net afgewerkte plafond kwam zetten, Maar door de warme zomer was dat euvel ook weer snel verholpen.'

Straks als alles klaar is
Aan het sprookje van verbouwen zit inmiddels nog een toekomstig staartje, aldus Suzan. 'Al een aantal mensen zijn naar ons toegekomen voor adviezen en assistentie bij hun verbouwing.

Ik heb als adviseur en styliste in de jaren al heel wat ervaring opgedaan. Dit is ook niet de eerste verbouwing die wij deden.

Ik maak nu op aanvraag een volledig woonplan en een tekening op schaal en in samenwerking met de aannemer die hier bezig was geef ik bouwbegeleiding. Een fantastisch concept. Ook Ernst is hier heel blij mee voor de toekomst. Het verbouwen van oude panden blijft een prachtige uitdaging.'

Beiden hopen dan ook op aanvragen van eigenaren van oude bollenschuren in de omgeving. 'Er staan er nog genoeg en heel wat bezitters ervan ervaren zo'n schuur vaak als een last wat aan hun huis geplakt zit.

Zij zien dikwijls de waarde ervan niet. Maar, 'zegt ze lachend, 'wij wel, en het is een genot om door je eigen inspanning iets moois te zien herrijzen uit iets dat het aanzien eigenlijk in eerste instantie niet waard was!'




Uit het Leids Dagblad van 2 november 2005

"Een beter visitekaartje kun je niet hebben"

Prijswinnende bollenschuur in Noordwijk begin van nieuwe carriëre

door Annelieke Slappendel

Noordwijk
- Je kon amper zien dat het een bollenschuur was, de Doeland-winkel aan de Pickéstraat in Noordwijk. Alles was afgetimmerd en er was nauwelijks daglicht in de doe-het-zelfzaak. Ernst Kuylenburg (44) en Susan van der Zwet (40) moesten dan ook twee keer kijken voordat ze er hun toekomstige woning in zagen. Toch hebben ze er in vijf jaar een loft-achtig huis van weten te maken waarin de karakteristieke eigenschappen van een bollenschuur weer herkenbaar zijn. Reden voor de projectgroep Behoud en Herbestemming Bollenschuren om deze Noordwijkers gisteren de Zwarte Tulp Prijs 2005 uit te reiken.
Ze waren helemaal niet speciaal op zoek naar een bollenschuur, vertelt Van der Zwet. "We wilden een ander huis en dit kwam toevallig op ons pad. De buren wisten dat het te koop kwam, de gemeente wilde graag dat het een woning werd. Wij zijn allebei creatief en gek van andere panden; voor bollenschuren heb ik altijd al een zwak gehad." De in de modewereld werkende styliste en aannemer, actief in de staalbouw, hadden al wat ervaring. Hun vorige huis in Noordwijk hadden ze ook zelf verbouwd. Maar een bollenschuur is wel wat anders, zeker voor een gezin met twee kinderen.
Dat er op de eerste etage een appartement was waar ze meteen konden gaan wonen, was doorslaggevend. "We hebben dat heel gezellig gemaakt en er met plezier gewoond. Als we er zin in hadden, gingen we elders in het huis klussen. En soms lieten we de boel gewoon de boel en hielden we vakantie", blikt Van der Zwet terug op de afgelopen vijf jaar. Het werk bestond in eerste instantie uit het strippen van het pand. Karakteristieke elementen als de ramen, openslaande deuren en balken lieten ze zitten, goed in het zicht. Doordat de basis van het pand in orde was en de plannen goed doordacht, verliep de verbouwing voorspoedig. De enige tegenslag was de houtzagerij achter het huis, die een tuin moest worden. "Daar bleek een soort gangenstelsel onder te zitten, waarin was uitgeprobeerd om bollen te drogen. Er moesten dus heel wat wagens met puin worden afgevoerd."
Kuylenburg en Van der Zwet konden de bollenschuur vervolgens zo inrichten als ze zelf wilden. Daarbij verkeken ze zich in eerste instantie wel eens op de enorme omvang. ,In het eerste ontwerp had ik een bed van 9 bij 9 ingetekend", erkent de vrouw des huizes. Ik moest nog wennen aan de verhoudingen. Het is echt een ontzettend groot huis." Door middel van grote schuifdeuren van glas met staal kunnen de bewoners ervoor kiezen slechts een deel van de ruimte te gebruiken. Een beetje industrieel maar zeker niet koel, omschrijft Van der Zwet de inrichting zelf. Naast oude bouwmaterialen als beton, staal en onbehandeld hout heeft ze namelijk warme kleuren toegepast. Gigantische stoelen, enorme kasten en banken van drie meter moeten het geheel nog completeren.
Het resultaat mag er zijn, vindt niet alleen de jury van de Zwarte Tulp Prijs. ,Mensen die binnenkomen reageren vaak verrast", heeft Van der Zwet gemerkt, "dit verwachten ze niet." Het enthousiasme over haar bollenschuurhuis was zo groot dat de styliste verzoeken kreeg om ontwerpen te maken voor het inrichten van andere huizen. Een jaar geleden besloot ze zelfs om de modewereld na twintig jaar vaarwel te zeggen en binnenhuisarchitecte te worden. "De overstap is groot", vindt de Noordwijkse, "maar een beter visitekaartje dan dit huis kun je natuurlijk niet hebben."


De voormalig Doelandwinkel, nu bewoonbaar en weer herkenbaar als oude bollenschuur.
Foto: Susan van der Zwet




Uit Weekendkrant, zaterdag 5 november 2005

Zwarte Tulpprijs 2005 uitgereikt aan familie Kuylenburg

Restauratie bezorgt oude bollenschuur derde leven

NOORDWIJK - Na zijn oorspronkelijke functie was de voormalige bollenschuur aan de Pickéstraat 66 in Noordwijk jarenlang in gebruik als doe-het-zelfzaak. Met de restauratie van het karakteristieke gebouw en het ombouwen tot woonhuis, hebben eigenaren Ernst Kuylenburg en Susan van der Zwet de schuur een derde leven gegeven. Voor die prestatie kregen zij afgelopen maandag de Zwarte Tulp Prijs 2005 uitgereikt.


De familie Kuylenburg voor hun gerestaureerde bollenschuur aan de Pickéstraat in Noordwijk (Foto. Fotobureau Peter Schipper - Bianca Segers).

De bollenschuur werd in 1902 gebouwd voor de Noordwijkse bollenkweker De Groot. Het is een grote schuur met een zadeldak. Op alle verdiepingen zitten openslaande deuren, bestemd voor natuurlijke ventilatie, zodat de bollen aan de lucht konden drogen. Na de oorlog verkocht De Groot de schuur aan de bloembollenkwekerij H.J. Salman & Zonen, die hem ruim twintig jaar gebruikte om er bloembollen te drogen en verwerken.
In 1974 gaf de gemeente toestemming aan de Gebr. Dekker om er een houtbewerkingsbedrijf te beginnen, dat later uitgroeide tot de bouwmaterialenwinkel Doeland Dekker. Na het vertrek van Doeland naar een bedrijventerrein in 2000, kochten Ernst Kuylenburg en Susan van der Zwet het pand en besloten het te restaureren. De gemeente Noordwijk gaf toestemming om van de bollen schuur een woning te maken.

Grootscheepse restauratie
In 2001 begon de grote verbouwing. Susan en Ernst kunnen uren vertellen over de restauratie, die bloed, zweet en tranen kostte. "Familie en vrienden verklaarden ons voor gek, die dachten dat het nooit goed zou komen. Maar wij zagen vanaf het begin de mogelijkheden van het pand. Er moest wel heel veel gebeuren: het pand heeft steens muren en was jarenlang in gebruik geweest als doe-het-zelfwinkel. We hebben eerst de buitenkant aangepakt en daarna hebben we drie jaar over de binnenkant gedaan. We wonen hier nu sinds Kerstmis 2004 met veel plezier. Het is een knots van een huis geworden met heel veel leefruimte voor ons hele gezin."
Bij de restauratie is rekening gehouden met de karakteristieke elementen in het pand. "We vonden een oorspronkelijke ventilatiedeur en hebben daar 95 kopieën van op maat laten maken", vertelt Ernst. "In de achtertuin zijn het stookhok en de schoorsteen blijven staan. Onder de binnenplaats bleek en verrassing te zitten: een betonnen ventilatiesysteem, waarop in de jaren '50 bollen werden drooggestookt. Het was een heel karwei om dat beton eruit te slopen: er kwamen 17 vrachtwagens puin uit!"
De voorgevel is grotendeels vernieuwd want de winkelpui van Doeland moest worden vervangen door ramen. In het huis zijn ook bijzondere elementen toegevoegd. Ernst heeft een aannemings- en staalconstructiebedrijf en komt in de bouw en de sloop allerlei bruikbare spullen tegen. Er zijn bijvoorbeeld binnendeuren gebruikt uit een Amsterdams schoolgebouw. Susan werkte twintig jaar als styliste in de mode; zij ontwierp het interieur en deed het schilder- en decoratiewerk. Het project met hun eigen huis leidde er toe om de overstap te maken en als zelfstandig interieurvormgeefster door te gaan. Daarbij kan de bollenschuur als prima visitekaartje fungeren.

'Als er nog mensen zijn die een bollenschuur over hebben, dan houden wij ons aanbevolen'

Samen zouden Ernst en Susan graag nog meer schuren in de Bollenstreek onder handen nemen. "We zijn gek op bollenschuren en vinden het doodzonde dat er al zoveel zijn verdwenen of staan te verkrotten. Als er nog mensen zijn die een bollenschuur over hebben, dan houden wij ons aanbevolen. Nu ons huis klaar is, willen we graag nog eens een andere schuur opknappen. We hopen dat iedereen inziet dat je van een oude bollenschuur een prachtig, apart woonpand kunt maken."

Zwarte Tulp Prijs
Betere ambassadeurs voor het herbestemmen van bollenschuren kan de Projectgroep Behoud en Herbestemming Bollenschuren zich niet wensen. Daarom zijn Ernst Kuylenburg en Susan van der Zwet uitverkoren voor de jaarlijkse Zwarte Tulp Prijs, die in het leven is geroepen door het Museum De Zwarte Tulp in Lisse.
Deze prijs is bedoeld om eigenaren van een bollenschuur te belonen, die de schuur op een bijzondere manier hebben behouden of een andere bestemming hebben gegeven, met behoud van de karakteristieke eigenschappen. In 2003 ging de Zwarte Tulp Prijs naar de eigenaren van de bollenschuur van Lefeber aan de Achterweg 14 in Lisse. In 2004 was het woonhuis met bollenschuur aan de Dorpsstraat 19 in Warmond uitverkoren.
De Zwarte Tulp Prijs bestaat uit een oorkonde en een schildje `Monumentale Bollenschuur'. Daarop staat uitleg over de historie en architectuur van de schuur. Het schildje is ontworpen door Ontwerp studio 2000 uit Lisse. Het is de bedoeling in 2006 op nog veel meer waardevolle schuren in de regio dergelijke schildjes te plaatsen. Op verzoek van de Projectgroep werd het schildje onthuld door wethouder Th. van Rijnberk van de gemeente Noordwijk. De gemeente heeft immers toestemming gegeven om het pand een woonbestemming te geven, waardoor het voor het nageslacht kon worden behouden.
De meeste waardering gaat echter naar de eigenaars, die de honderd jaar oude bollenschuur met veel liefde en zonder subsidie omgetoverd hebben in een juweeltje. Om hen daarvoor te bedanken ontvingen zij uit handen van Peter Nijhof van de projectgroep een ingelijste oorkonde met een grote foto van het pand.

Projectgroep spant zich in voor behoud bollenschuren

STREEK - De Projectgroep Behoud en Herbestemming Bollenschuren spant zich sinds 1997 in voor behoud en herbestemming van bollenschuren. De bollenschuren vormen het erfgoed van de bloembollencultuur. Ze zijn onlosmakelijk verbonden met het landschap van de Duin- en Bollen streek en hebben een grote cultuurhistorische waarde.
Voor schuren die niet meer agrarisch in gebruik zijn, is de beste garantie voor behoud op langere termijn als zij een nieuwe bestemming krijgen als woning, kantoor, atelier of kleinschalig bedrijf. "Gelukkig zien steeds meer mensen de waarde van bollenschuren en zijn steeds meer eigenaars en gemeenten bereid bollenschuren een tweede of derde leven te gunnen", aldus de projectgroep.
Meer informatie over het Bollenschuren-project is te vinden op www.bollenschuren.nl.




laatst gewijzigd 7 november 2005